Nieuws

Ontwikkelingen in haplo-identieke stamceltransplantaties

Toen ik vijftien jaar geleden de diagnose leukemie kreeg, waren er in mijn behandelplan twee opties. Of mijn zus zou stamceldonor zijn of ik zou mijn eigen stamcellen gebruiken.

Maarten geeft een interview

Maarten van der Weijden is niet alleen voormalig olympische kampioen langeafstandszwemmen, ooit had hij ook leukemie. Hij werd onder andere behandeld met een autologe stamceltransplantatie. Op dit moment woont hij het grote, Europese stamceltransplantatiecongres EBMT bij in Valencia. Hij doet daarvan dagelijks verslag voor Hematon. Hij heeft daarbij natuurlijk speciaal oog en oor voor het belang van patiënten.

Het voordeel van de stamcellen van mijn zus was dat er sprake zou zijn van graft*-versus-leukemia, het nadeel dat er ook een kans was op graft-versus-hostziekte. Graft-versus-host ontstaat als de donorstamcellen de gezonde lichaamscellen van de patiënt gaan aanvallen, als het ware een omgekeerde afstoting. Dit kan zo ernstig zijn dat de patiënt hieraan overlijdt. Graft-versus-leukemia is het effect dat de donorstamcellen de resterende leukemiecellen vernietigen, waardoor de kans op de terugkeer van de ziekte wordt verkleind.

Mijn artsen gaven de voorkeur aan de stamcellen van mijn zus omdat de positieve effecten van graft-versus-leukemia op zouden wegen tegen het risico op graft-versus-hostziekte. Maar ik had pech: haar stamcellen kwamen niet genoeg overeen met die van mij. Tegenwoordig is het niet volledig matchen van stamcellen een kleiner probleem, door de verbeterde bestrijding van graft-versus-hostziekte. Hierdoor vinden er steeds meer haplo-identieke transplantaties plaats. Bij deze transplantaties is er juist geen volledige match vereist, een halve match is ook mogelijk. Iedereen kan zijn vader, moeder of kind dus als haplo-identieke stamceldonor gebruiken.

De verbetering van de graft-versus-hostziektebestrijding komt vooral door verbetering in immunosuppressiva en cyclofosfamide**. Het gebruik van cyclofosfamide heeft de overlevingskans voor patiënten die een haplo-identieke transplantatie ondergaan enorm doen stijgen. Er is helaas ook een keerzijde. Immunosuppressiva zorgen dat de kans op infectie groter is en bij cyclofosfamide lijkt het erop dat het ook het positieve graft-versus-leukemia-effect drukt. Hierdoor is de kans dat de leukemie terugkomt weer groter.

Naast mijn enthousiasme over de stijging van de haplo-identieke transplantaties en de stijging van de overlevingskansen door cyclofosfamide ben ik ook enthousiast over de vandaag gepresenteerde resultaten van een fase-II-studie van Kiadis, een Nederlands bedrijf waarvan ik ambassadeur ben. De tactiek van Kiadis houdt in het kort in dat ze de stamcellen van de haplo-identieke donor bewerken zodat er niet of nauwelijks graft-versus-hostziekte optreedt, maar wel optimaal van graft-versus-leukemia gebruik gemaakt kan worden. Hierdoor is een stijging van de overlevingskansen van deze patiëntengroep te verwachten.

Als voormalig leukemiepatiënt is het fantastisch om hier bij de EBMT deze en andere ontwikkelingen op het gebied van stamceltransplantaties van wetenschappers en behandelaars zelf te horen en hun enthousiasme te voelen. We zijn er nog niet, maar elke dag nemen we een stap in de goede richting. 

* De 'graft' is het transplantaat met stamcellen, de 'host' is de ontvangende patiënt.

** Cyclofosfamide is een middel dat een remmende werking heeft op celdeling en de groei van gezwellen onderdrukt. Het onderdrukt ook het afweersysteem zodat afstoting wordt voorkomen.

Eerdere berichten van Maarten

Dag voor verpleegkundigen

Dag voor patiënten, familie en donoren

Maarten van der Weijden verslaat voor Hematon sct-congres

Voor de volledigheid: Maarten is ook op het congres als ambassadeur van Kiadis Pharma, dat zich onder meer bezighoudt met het ontwikkelen van geneesmiddelen tegen leukemie.